Vandaag gingen we het Compassion kantoor van Bolivia bezoeken. We werden erg hartelijk ontvangen, en er waren zo'n 8 voormalig sponsorkinderen die zich voorstelden, die nu werkten op het Compassion kantoor. Een van de voormalig sponsorkinderen wilde haar getuigenis met ons delen. Dat was erg bijzonder. Ik zal haar Belen noemen. Ze vertelde dat ze opgroeide bij haar vader en moeder, die overdag allebei werkten. Haar oom was thuis, en die heeft haar 10 jaar lang misbruikt. Belen vertelde dat haar moeder het niet wou geloven (en wellicht bang was voor haar oom) en dat het misbruik daardoor zo lang kon doorgaan. Hij misbruikte haar niet alleen, hij sloeg haar ook en vertelde haar elke keer dat ze niets waard was. Toen ze in het Compassion project kwam, en de medewerkers daar doorkregen dat ze werd misbruikt, zijn de medewerkers naar haar thuis gegaan, en hebben de oom verteld dat ze wisten wat hij had gedaan, en dat hij maar beter kon vertrekken, anders zouden ze naar de politie gaan om hem aan te geven. Daarop is de oom vertrokken, en nooit meer teruggekeerd. Belen was opgelucht, en kon aan haar verwerkingsproces beginnen. Ze vertelde dat haar sponsor een grote rol heeft gespeeld in haar verwerkingsproces, omdat die keer op keer schreef dat ze waardevol is in Gods ogen, dat ze een mooi meisje is, en dat God een doel heeft met haar leven. In tranen drukte Belen ons op het hart om te schrijven naar onze sponsorkinderen, 'je kunt je niet voorstellen wat voor impact het (niet!!!) schrijven heeft in het leven van (zo'n) kind', zei Belen.
Belen vertelde nog dat het laatste in haar helingsproces het vergeven was. Ze is naar haar moeder toegegaan, en heeft haar vergeven, dat ze haar niet geloofde en er niets aan heeft gedaan om het misbruik te stoppen. Na een aantal jaren is ze ook haar oom weer tegengekomen, en heeft ze hem vergeven. Ze vertelde precies wat ze hem had vergeven; dat hij haar had misbruikt, haar had geslagen en op haar had ingepraat dat ze niets waard was. Ze vertelde dat juist dat laatste stukje (het vergeven) essentieel is geweest voor haar genezingsproces, ook in haar relatie met God ('Jezus heeft mij ook zoveel vergeven') maar ook in het tot haar doel komen in het leven.
Ik was tot tranen geroerd.
Daarna gingen we naar een aparte kamer, waar allemaal materialen lagen, gerangschikt op leeftijd, waar in de projecten in Bolivia mee gewerkt wordt. Een medewerker gaf een gedetailleerde uitleg over verschillende materialen, en we mochten alles inkijken en vragen stellen. Er lagen boeken tussen met grote gekleurde platen die de medewerkers kunnen gebruiken om hun verhaal te illustreren. Er lagen ook werkboekjes die elk kind door werkt. Erg mooi om in te zien.
Daarna gingen we naar de ruimte waar de brieven worden verwerkt. Allemaal postvakjes met een nummer van het project eronder. We kregen uitleg over het verwerken en verzenden van de brieven. Per maand worden er zo'n 10.000 brieven van de kind naar de sponsor verwerkt, en ook nog eens 10.000 brieven de andere kant op. We waren onder de indruk. Maar, vertelden ze, zo ongeveer 50% van de gesponsorde kinderen in Bolivia krijgen minstens 1x per jaar een brief, sommige minder vaak, en zo'n 30 tot 40% krijgt nooit een brief....
Er zaten ook een paar vertalers bij, die nog de tip gaven, om, als je in het spaans kan schrijven, je dat zeker kan doen, maar als je dat niet kan, je niet moet overwegen om het via een vertaalprogramma te vertalen en zo een spaanstalige brief te versturen. De kwaliteit van een automatisch vertalingsprogramma is vaak niet zo goed, en ze moeten regelmatig zulke 'spaanstalige' brieven retourneren omdat ze gewoon niet snappen wat de sponsor nu schrijft. Ze vertalen met veel plezier, dus gewoon in het engels is prima. (en eventueel eerst nog in het Nederlands, ook in Nederland hebben we vertalers die met veel plezier en liefde hun vertaalwerk doen).
Belen kwam nog naar me toe; ze kende mijn sponsorvriend (zie het verhaal van gister) die regelmatig in Bolivia komt ook goed, en hij had haar over mij verteld; ze vond het zo leuk om me nu te zien, en gaf me een armbandje.
We praatten nog wat, en namen toen afscheid. Ook nam ik de aguayo mee (zo'n Boliviaanse -draag-doek) die mijn sponsorvriend voor me had gekocht en daar in bewaring had gegeven tot ik daar op bezoek zou komen; een prachtige, kleurige doek.
We reden naar een restaurant om te eten, en daarna door naar de LDP studenten die we zouden ontmoeten.
We kwamen in een ruimte die gehuurd wordt voor de LDP studenten, zodat ze goed kunnen studeren, en kregen uitleg over het LDP programma. LDP studenten zijn sponsorkinderen die uit het gewone kind sponsorprogramma zijn, en die kwaliteiten hebben om verder te studeren. Compassion heeft daarvoor het LDP programma; 'Leader Development Program'. Jaarlijks zwaaien er zo'n 1200-2000 kinderen af in het kind sponsorprogramma, waarvan ongeveer 200-300 kinderen potentieel hebben om verder te studeren. Maar, jaarlijks kan Compassion Bolivia ongeveer 30 studenten een kans geven om verder te studeren. Dus is de screening streng, en ligt de lat hoog. Een student sponsoren kost volgens mij 250 euro per maand (en dat gaat naar 300 euro geloof ik) en wordt vooral gedaan door bedrijven. De studenten moeten leiderschapkwaliteiten hebben; ze moeten christen zijn, en een taak hebben in hun kerk/gemeente en het is belangrijk dat de voorganger een positieve recensie mee geeft. Ze moeten gedreven zijn om iets te willen betekenen door hun werk later, en Jezus uit te stralen.
Er waren zo'n 20 studenten aanwezig, en we mochten met ze in groepjes gaan praten.
We spraken met ze over wat ze studeerden, hun thuissituatie, hoe het zo gekomen is dat ze een LDP student zijn geworden, en wat het voor hen betekend om te mogen studeren.
Ik vond hun gedrevenheid typerend om te zien; ze hebben er immers erg hun best voor moeten doen en zich moeten onderscheiden om door de selectie te komen, anders dan in Nederland waar eigenlijk iedereen wel de kans heeft om door te studeren, en dat toch wel als 'standaard' of 'normaal' wordt gezien.
Elk jaar doen alle LDP studenten als groep een aantal weken vrijwilligerswerk, ze gaan daarvoor naar de armste gebieden in Bolivia. De studenten die voor tandarts of arts studeren, gebruiken hun talenten om de armste mensen van gezondheiszorg te voorzien, we zagen foto's van studenten die kinderen les gaven en foto's van studenten die hielpen om een vloer te leggen in de kerk. Ze hielden geen schone handen, en het was duidelijk hard werken. Wat een voorbeeld van dienstbaar zijn, en, ook al ben je nog niet afgestudeerd, alvast je gaven en talenten te gebruiken, waar het zo nodig is.
(Stel je voor dat ze dat in Nederland in zouden stellen volgend jaar...pfff.... ik denk dat veel studenten verstek zouden laten gaan...)
Als afsluiting zouden we nog samen bidden met de 4 studenten, en we vroegen of ze gebedspunten hadden. Een jongen en een meisje gaven aan dat ze als enige gelovig waren in hun familie, en een groot verlangen hadden om samen met hun familie in Jezus te geloven en naar de kerk te gaan. Een meisje vroeg of we voor haar wilden bidden dat ze meer vrijmoedigheid zou krijgen om te leren later in haar baan van Jezus te getuigen en/of Hem door haar daden uit te dragen. En het andere meisje gaf aan dat ze al 2 jaar gesponsord werd, maar nog nooit een brief van haar sponsor had ontvangen. Ze wilde danken voor haar sponsor, maar ook bidden of God het hart van haar sponsor zou bewegen om haar te schrijven en zo te bemoedigen.
Nadat we voor alles hadden gebeden, begon de jonge student voor ons te bidden, met tranen over zijn wangen bedanktte hij God voor ons bezoek, vertelde wat het voor hem betekende en zegende hij ons.
Mijn reisgenote Elselien schreef het volgende:
'De studenten die via het LDP program de kans krijgen om naar de universiteit te gaan zijn hier ontzettend dankbaar voor en benutten deze kans optimaal. Niet voor niets is het afstudeerpercentage 97 %. Wij hebben hier geleerd dat succes hebben niet per saldo het behalen van hoge cijfers en een goede carrière is, maar invloed hebben. Door deze invloed kunnen zij naar de mensen om hen heen de liefde van God uitstralen. In groepjes hebben we stuk voor stuk de getuigenissen van de studenten gehoord. Zij hebben hun dromen uitgesproken. Een mooi voorbeeld is het verhaal van José. Om zich heen ziet hij hoe veel Boliviaanse bouwvakkers zodra hun loon is uitbetaald al het verdiende geld verpatsen aan drank. José studeert Civil Engineering. Zijn droom is om zelf een bouwbedrijf te beginnen en zijn werknemers verantwoordelijkheid bij te brengen. Hij wil hen leren hoe zij God in hun leven kunnen betrekken en hun dagelijks leven op de juiste manier invulling kunnen geven. Een jongen met een passie.'
Zeer onder de indruk, gingen we naar de bus, en reden we terug naar het hotel. We pakten onze koffers en reden naar het vliegveld. Daar gingen we om kwart over 7 de lucht in; richting Santa Cruz. Drie kwartier later landde het vliegtuig in Santa Cruz.
Weer een heel andere omgeving, was het in Cochabamba al meer westerser dan in La Paz, in Santa Cruz zie alleen nog maar westerse kleding bijna, en ook de reclame etc doet heel westers aan. De temperatuur is verschoven van 20 graden in Cochabamba naar 30ºC hier. De mooie bergen zijn uit het landschap verdwenen, en hebben plaatsgemaakt voor hoge wuivende palmbomen, die me doen denken aan mijn tijd in de Dominicaanse Republiek met mijn sponsorkind Jonathan.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten